De meeste foto's voor mijn weblog maak ik met mijn mobieltje (uitvoering: simpel, niks I of smart of braam). Dat heb ik immers vrijwel altijd bij me, hoewel ik het zelden gebruik. Je schijnt er namelijk ook mee te kunnen telefoneren of sms'en.
De mindere kwaliteit wordt voor mij ruimschoots gecompenseerd door beschikbaarheid en gebruiksgemak. Ik heb geen andere ambitie dan mijn blogs te verluchten met plaatjes.
Toch doet het me deugd dat het in de professionele wereld blijkbaar ook niet allemaal supersonisch en geavanceerd hoeft te zijn. Vrijdag is namelijk een belangrijke filmprijs toegekend aan een documentaire die volledig met de camera van een mobieltje is gemaakt.
Boris Gerrets ontving de prijs voor zijn documentaire People I Could Have Been and Maybe Am. De IDFA Award voor middellange documentaire werd uitgereikt tijens het gelijknamige internationale festival voor documentaires in Amsterdam afgelopen week.
http://www.idfa.nl/nl/tags/project.aspx?id=9CAFC61C-9210-4660-A468-7C740FC0258D
zondag 28 november 2010
Wachten
Wachten op ...?
Niks wachten, Van Gansewinkel, alleen maar: zijn.
Ik kan geboeid kijken naar zo'n groep meeuwen. Bijna bewegingloos staan ze daar minutenlang, vaak de snavels dezelfde kant uit. Waarom?
Ze wachten op de goede golf, de juiste windvlaag of tot een van hen het seintje geeft tot vertrek, zomaar, zoals ze daar misschien ook zomaar staan.
Een groep meeuwen gadeslaan, een kleine oefening in alleen maar zijn.
Niks wachten, Van Gansewinkel, alleen maar: zijn.
Ik kan geboeid kijken naar zo'n groep meeuwen. Bijna bewegingloos staan ze daar minutenlang, vaak de snavels dezelfde kant uit. Waarom?
Ze wachten op de goede golf, de juiste windvlaag of tot een van hen het seintje geeft tot vertrek, zomaar, zoals ze daar misschien ook zomaar staan.
Een groep meeuwen gadeslaan, een kleine oefening in alleen maar zijn.
zaterdag 27 november 2010
Strandvondst (2)
Hier ligt het houtje nu op het bureau, een beetje verweesd te zijn. Vorige week raapte ik het op bij de vloedlijn. Het was een stuk donkerder, doornat. Gladgeschuurd en ingesleten door onophoudelijk inwerken van water. Zacht water dat uiteindelijk zelfs de hardste steen klein krijgt.
Tegenwoordig neem ik slechts af en toe iets van het strand mee. Net die ene schelp die mijn aandacht trekt of die wonderlijk gevormde steen.
In mijn kinderboek-in-wording 'Schelpen' wil het meisje het liefst alle schelpen meenemen. Ze is verbaasd dat haar opa, die toch al oud is, maar zo weinig schelpen heeft verzameld. 'Leven is kiezen,' zegt opa.
Toen ik het schreef, was ik me niet bewust dat het bij mijn strandjutten ook zo heeft gewerkt.
Op mijn achttiende heb ik bijna twee maanden als au pair gewerkt bij een Franse familie op Ile de Ré, een eiland aan de westkust. Elke dag ging ik naar het strand, vaak 's morgens rond zes uur in mijn eentje en later met de drie kinderen op wie ik paste. Aan het eind van mijn verblijf bracht ik een volle bak schelpen mee naar Nederland.
Wat eens als sieraden lag te schitteren op de vloedlijn, verbleekte en vergrijsde en eindigde bij het afval.
Uit die tijd resteert overigens nog wel een steen, die al mijn verhuizingen heeft overleefd: opgeraapt als herinnering aan de jongen op wie ik toen hevig verliefd was.
(Drafi Deutscher had trouwens wel ongelijk, bedenk ik nu: Marmor, Stein und Eisen bricht, aber unsere Liebe nicht. Precies omgekeerd, Herr Deutscher!)
Ik dwaal af, terug naar het houtje op het bureau voor me. Het blijft een wezensvreemd ding hier. Maar in de zee hoorde het ook niet. Er groeien geen bomen op zee.
Tegenwoordig neem ik slechts af en toe iets van het strand mee. Net die ene schelp die mijn aandacht trekt of die wonderlijk gevormde steen.
In mijn kinderboek-in-wording 'Schelpen' wil het meisje het liefst alle schelpen meenemen. Ze is verbaasd dat haar opa, die toch al oud is, maar zo weinig schelpen heeft verzameld. 'Leven is kiezen,' zegt opa.
Toen ik het schreef, was ik me niet bewust dat het bij mijn strandjutten ook zo heeft gewerkt.
Op mijn achttiende heb ik bijna twee maanden als au pair gewerkt bij een Franse familie op Ile de Ré, een eiland aan de westkust. Elke dag ging ik naar het strand, vaak 's morgens rond zes uur in mijn eentje en later met de drie kinderen op wie ik paste. Aan het eind van mijn verblijf bracht ik een volle bak schelpen mee naar Nederland.
Wat eens als sieraden lag te schitteren op de vloedlijn, verbleekte en vergrijsde en eindigde bij het afval.
Uit die tijd resteert overigens nog wel een steen, die al mijn verhuizingen heeft overleefd: opgeraapt als herinnering aan de jongen op wie ik toen hevig verliefd was.
(Drafi Deutscher had trouwens wel ongelijk, bedenk ik nu: Marmor, Stein und Eisen bricht, aber unsere Liebe nicht. Precies omgekeerd, Herr Deutscher!)
Ik dwaal af, terug naar het houtje op het bureau voor me. Het blijft een wezensvreemd ding hier. Maar in de zee hoorde het ook niet. Er groeien geen bomen op zee.
Bezienswaardigheid
![]() |
| Roland Holst Huis april 2009 |
Maar ook vorig jaar al stond het Roland Holst Huis als bezienswaardigheid opgenomen in allerlei wandelroutes. Praktisch elke dag houden wel mensen voor het hek stil en proberen ze zicht te krijgen op het pand dat voor een aanzienlijk deel schuilgaat achter een taxushaag.
Wellicht proberen ze ook een glimp op te vangen van de schrijver die er op dat moment werkt. Als ik mensen zie die mij ontwaren, voel ik me vreemd genoeg enigszins beschroomd en als ik niet hard aan het werk ben zelfs betrapt.
In het gastenboek van dit huis schreven andere schrijvers al over het fenomeen passanten. Zo noteerde een mannelijke collega: 's Zondags staan er vaak mensen stil, die eerst het bordje lezen en je dan verbaasd aanstaren: is hij het of is hij het niet? Hij was toch dood? Hij lijkt er ook niet op. Is die vent dan familie?
Andere voorbijgangers kennen het huis en zijn geschiedenis wel en hebben zelfs misschien Adriaan Roland Holst ('Jany' voor intimi, 1888-1976) nog gekend. Toen ik vorig jaar eens in de tuin zat te schrijven, hoorde ik een man op de fiets zijn gezelschap wijzen op: 'Jany zijn hof.'
Een van de wandelroutes: http://www.trouwcommunities.nl/groen/natuurtochten/45.html
vrijdag 26 november 2010
Schelpen
Mijn nieuwe kinderboek 'Schelpen' is af!
En nu eerst gauw de disclaimer: het is pas de eerste versie, handgeschreven. Er is een langdurig proces nodig van intikken, opbouw en stijl goed bekijken en over de lezersgroep heb ik ook nog geen duidelijk beeld. Vervolgens is er revisie nodig, en revisie en revisie. Samengevat: er kan nog van alles gebeuren.
P.S. 'Schelpen' is slechts de werktitel.
Anderhalf jaar geleden legde ik in dit huis de basis voor het boek. Ik maakte een opzet en schreef de eerste drie hoofdstukjes. Daarna was ik er nauwelijks meer mee bezig.
Toen ik vorige week de draad toch weer oppakte, bleek de opzet veel hechter in elkaar te zitten dan hij in mijn herinnering was. Het verhaal bleek bovendien gerijpt in mijn hoofd en na enkele dagen hard werken stáát mijn nieuwe boek.
Vanmiddag noteerde ik in mijn schrijflogboek:
Veel zit erin, anderzijds is het sober, ijl, poëtisch. Ik zie er thema's in als: leven, dood, liefde, aanvaarding, keuzes maken, leren van het leven. Kortom: wat leven is.
Goed om te merken dat ik een paar dagen helemaal in dit boek kon zitten. Zojuist stuurde ik mezelf even de polder in, omdat ik gisteren ook al niet verder dan de voortuin was geweest.
Maar ik kon niet goed wegkomen. Met mijn jas al aan heb ik staand aan het bureau het voorlaatste hoofdstuk geschreven, een zware scène nota bene: opa is net doodgegaan.
Nu ben ik leeg, hoef ik vandaag ook niets meer.
Opmerkelijk dat dit verhaal na een draagtijd van anderhalf jaar zo'n vlotte bevalling kent. Niet-werken is waarschijnlijk onbewust toch wel werken geweest.
En nu eerst gauw de disclaimer: het is pas de eerste versie, handgeschreven. Er is een langdurig proces nodig van intikken, opbouw en stijl goed bekijken en over de lezersgroep heb ik ook nog geen duidelijk beeld. Vervolgens is er revisie nodig, en revisie en revisie. Samengevat: er kan nog van alles gebeuren.
P.S. 'Schelpen' is slechts de werktitel.
Anderhalf jaar geleden legde ik in dit huis de basis voor het boek. Ik maakte een opzet en schreef de eerste drie hoofdstukjes. Daarna was ik er nauwelijks meer mee bezig.
Toen ik vorige week de draad toch weer oppakte, bleek de opzet veel hechter in elkaar te zitten dan hij in mijn herinnering was. Het verhaal bleek bovendien gerijpt in mijn hoofd en na enkele dagen hard werken stáát mijn nieuwe boek.
Vanmiddag noteerde ik in mijn schrijflogboek:
Veel zit erin, anderzijds is het sober, ijl, poëtisch. Ik zie er thema's in als: leven, dood, liefde, aanvaarding, keuzes maken, leren van het leven. Kortom: wat leven is.
Goed om te merken dat ik een paar dagen helemaal in dit boek kon zitten. Zojuist stuurde ik mezelf even de polder in, omdat ik gisteren ook al niet verder dan de voortuin was geweest.
Maar ik kon niet goed wegkomen. Met mijn jas al aan heb ik staand aan het bureau het voorlaatste hoofdstuk geschreven, een zware scène nota bene: opa is net doodgegaan.
Nu ben ik leeg, hoef ik vandaag ook niets meer.
Opmerkelijk dat dit verhaal na een draagtijd van anderhalf jaar zo'n vlotte bevalling kent. Niet-werken is waarschijnlijk onbewust toch wel werken geweest.
Quattro stagioni
Wat ik - onder meer - zo fijn vind aan Nederland is de afwisseling van seizoenen. De natuur brengt me echter momenteel even in verwarring.
Hoezo, afwisseling van seizoenen? Als op een pizza quattro stagioni lagen ze vandaag allemaal tegelijk op mijn bord.
Op het water vlakbij lag een flinterdun vliesje ijs, terwijl hier in de tuin sommige rozen nog in volle bloei staan alsof het zomer is.
Naast het meizoentje in de voortuin dat vastbesloten lijkt zich de hele winter staande te houden, zijn nu ineens cognackleurige paddestoelen opgedoken.
Hoezo, afwisseling van seizoenen? Als op een pizza quattro stagioni lagen ze vandaag allemaal tegelijk op mijn bord.
Op het water vlakbij lag een flinterdun vliesje ijs, terwijl hier in de tuin sommige rozen nog in volle bloei staan alsof het zomer is.
Naast het meizoentje in de voortuin dat vastbesloten lijkt zich de hele winter staande te houden, zijn nu ineens cognackleurige paddestoelen opgedoken.
donderdag 25 november 2010
Abonneren op:
Posts (Atom)





