vrijdag 19 november 2010

Kamer met uitzicht

Als ik schrijf, heb ik graag een kamer met uitzicht. Op zijn minst wil ik lucht en wat groen zien, een ruim polderlandschap zoals vanuit dit huis is misschien nog beter. Maar het allermooist blijft toch zicht op zee.
Er zijn schrijvers die het beste schrijven met zicht op niks, een blinde muur. Geen afleiding.
Boven in dit huis is het schrijfkamertje van Adriaan Roland Holst, maar ik krijg geen enkele aanvechting om daar te gaan zitten schrijven. Behalve het zicht op de blinde muur is er wel een raam. Roland Holst had in zijn tijd nog een fraai uitzicht naar het open polderlandschap en de bosrand waarachter hij de zee wist.

In het kamertje heeft het Letterkundig Museum een mini-tentoonstelling over Roland Holst ingericht met foto's en teksten van hem.
Net als ik deed hij ideeën op tijdens zijn wandelingen. Er hangt een brief aan zijn moeder van 8 aug. 1921, toen hij hier net woonde. Een citaat:
Op mijn wandelingen beginnen mijn gedachten en concepten zich al aardig te ordenen tot gegevens zowel voor proza als voor gedichten, en ik zal dan eindelijk weer eens de goede omstandigheden hebben om dat alles te realiseren.
Alles te realiseren! Hij woonde hier ongeveer 40 jaar, ik een maand. Ik ben al blij met gedachten en concepten, en een paar hoofdstukken.
  

Werk in uitvoering

De zandsuppletie is in volle gang bij Bergen aan Zee. Enorme hoeveelheden zand worden van de zeebodem verplaatst naar de kust.
Vandaag werd de toegang tot de vloedlijn over honderden meters welhaast gebarricadeerd door dikke pijpleidingen, waar je overigens wel overheen kon klimmen.
Als strandwandelaar loop ik dan toch wat onwennig rond. De mens is weer eens zichtbaar aan het ingrijpen in de natuur: waarschuwingsborden, restantjes drijfzand, grondverzetmachines en vette rupsbandensporen.
Alles om ons te beschermen tegen de woeste zee die ons voortdurend stukken land afhapt. Vandaag lag ze er trouwens weer poeslief bij.

donderdag 18 november 2010

Zandkasteel

Als ik op het strand loop, kijk en luister ik natuurlijk naar de zee. Maar ik loop ook vaak ietwat voorover om te zien wat de zee me allemaal voor de voeten werpt.
Vandaag stond er bij een strandopgang in Egmond pontificaal een zandkasteel dat de zee nog niet had kunnen overspoelen.
Het had een verrassende afwerking waardoor het me sterk deed denken aan lemen moskeeën in West-Afrika. Wat daar houten staken zijn, waren hier zwaardschedes.

Een eindje verder trof ik een stukje natuur aan dat me fascineert: het eikapsel van een rog. Vreemd misschien, maar het doet me altijd denken aan de cape van Batman.
Het ei met het babyrogje wordt beschermd door het leerachtige kapsel. Met de lintjes aan de vier hoeken kan het zich vasthechten aan bijvoorbeeld wier.

Hard werken

Is het niet indroevig gesteld met mijn inspiratie en aspiraties, als ik mijn toevlucht lijk te nemen tot een weblog over hondenpoep?
Breng ik hele dagen door voor het raam, duttend of starend boven een mok chocolademelk met slagroom?

Schijn bedriegt. Er wordt tot nu toe hard gewerkt in dit huis. Maar net als veel schrijvers ben ik terughoudend met vertellen waaraan ik schrijf. Het is allemaal rudimentair en kwetsbaar, er kan nog van alles gebeuren.
Wanneer ik soms herlees wat ik heb geschreven, denk ik: Dit is helemaal niets. Op andere momenten sta ik te kijken van waar mijn beeldend vermogen toe in staat is.
Zit ik te ploeteren, dan verontrust me dat. Verloopt het schrijven daarentegen vlotjes, dan is dat evenzeer verdacht.

Hoe dan ook, momenteel ben ik met uiteenlopende dingen bezig, ook afhankelijk van het moment van de dag en de bijbehorende stemming en energie.
De roman 'Buiten de lijntjes', de thriller 'Verdwijning', beide voor volwassenen, het essay 'Zintuigen', de vertelling 'Schelpen' en de revisie van 'Winkeldochters'. Allemaal werktitels en alles onder voorbehoud.
Aan de laatste twee projecten ben ik overigens vorig jaar al begonnen, toen ik hier de hele maand april werkte. Ook zo'n vruchtbare schrijfperiode.

 http://annievangansewinkel.blogspot.com/2010/10/winkeldochters.html

dinsdag 16 november 2010

Station voor honden

Is er een tijd geweest dat burgers het geen probleem vonden? Hondenpoep. Vast wel, maar zeker is ook dat het al decennialang een van de grootste ergernissen wordt gevonden in enquêtes over de leefomgeving.
Met al ons vernuft en technische mogelijkheden vandien is het ons niet gelukt om afdoende oplossingen te vinden voor zwerfontlasting van honden.
Uitlaatstroken, hondenveldjes, bakken, schepjes, zakjes, boetes. Aardige pogingen, maar dé oplossing heeft zich nog niet aangediend.
Bergen ziet de oplossing in de vorm van een station (denk groot), met bijvoorbeeld deze halte aan het Paddenpad.
Ongetwijfeld wordt het project na verloop van tijd geëvalueerd. Misschien is straks heel Nederland wel bezaaid met stations voor honden en bijbehorende haltes.

Van bunker tot plantenbak

Vlakbij het Roland Holst Huis herinneren bunkers en kazematten aan de Tweede Wereldoorlog. In de Bergermeerpolder tegenover de Nesdijk was een militair vliegveld dat in mei 1940 werd gebombardeerd. De omgeving bleef risicogebied.
Adriaan Roland Holst moest later onderduiken, nadat hij kritisch had gereageerd op de plicht tot aanmelding bij de Kultuurkamer.
Dit huis werd zelfs korte tijd in beslag genomen als opleidingsschooltje voor soldaten.
Sommige bunkers zijn door groen overwoekerd en nagenoeg opgegaan in het landschap, een lijkt nu nog te functioneren als een plantenbak.

Het doet me denken aan de pacifistische kreet, die ik pas weer hier in Bergen ontwaarde. Op de gevel van een woning in de lommerrijke schilderswijk staat de oproep: Smeed de zwaarden om tot ploegijzers.  

zondag 14 november 2010

Jammer, en toch blij


gespannen wachten
op de uitslag

Jammer, ik heb de Veldeke Literatuurprijs 2010 dus niet gewonnen. Ik was met Luc de Rooy en Ed Gubbels genomineerd voor dé Limburgse dialectprijs.
 Luc de Rooy heeft met zijn verhaal 'Het zeuke' de felbegeerde prijs gewonnen. Gefeliciteerd, Luc!

Toch ben ik blij. Ik ben trots op mijn verhaal en ik kreeg mooie reacties. Toen het werd voorgelezen, pakte het publiek de humor goed op. Het was extra feestelijk voor me door de warme aanwezigheid van veel familie.

Op de website van Veldeke is ook mijn genomineerd verhaal te lezen: 'De peddemoeëk op 't wit paerd' (De kikker op het witte paard).
http://www.veldeke.net/home.htm